In voorbereiding op mijn gastcollege over schrijven: rebelse gedachten
Lo and behold! Morgen zal ik mijn eerste gastcollege geven op Roosevelt Academy. De professor van het vak Creative Writing heeft me uitgenodigd om te komen praten over ‘how to write a novel, and how to get it published’. Ik vraag me bij beide delen van deze opdracht af of ik de juiste persoon ben om hier de gewillige studentenzieltjes over bij te lichten, maar ik ga uiteraard wel mijn stinkende best doen mijn kennis met veel vuur te verspreiden. Terwijl ik mijn praatje aan het voorbereiden ben, spelen de volgende rebelse gedachten door mijn hoofd:
- Wat is het nut van Creative Writing als vak? Acht jaar geleden zat ik net als de ontvankelijke studenten morgen in een klaslokaaltje te wachten tot mijn professor het Grote Geheim van het Schrijven zou onthullen. Onze leermeester destijds was zelf uitgever, en hoewel ik veel heb opgestoken over zijn persoonlijke relatie met schrijfgod Coetzee, vraag ik me af of het achter een computer zetten van een groep studenten en zeggen: ‘over twee uur moeten jullie een verhaal geschreven hebben dat 20% van je eindcijfer zal vormen’, nou de beste manier is om toekomstige literatoren iets bij te brengen over de kneepjes van het vak. Goddank is die nogal gemakzuchtige professor na een jaartje teruggegaan naar zijn Amsterdamse coterietjes. Ik weet dat de huidige docent er veel vruchtbaardere lesmethoden op na houdt, maar ik vraag me af of het Scheppende Schrijven wel baat heeft bij allerlei richtlijnen en richtingborden. Ik ben zelf pas echt met overgave gaan schrijven toen mijn Grumpy Old Man in India vertoefde en ik hem nog maar een maand kende. Om indruk op mij te maken schreef hij me iedere dag e-mails in de meest exuberante taal. Daar was ik natuurlijk danig van onder de indruk. Om niet voor hem onder te doen zat ik vele lange uren per dag met het synoniemenwoordenboek achter mijn laptopje om hem een taalkundig koekje van eigen deeg te bezorgen. Dat was dus mijn – tamelijk absurde – motivatie om goed te gaan schrijven (als ik hem een flutbriefje stuur dan vindt hij me vast niet meer leuk). En daardoor heb ik geleidelijk aan mijn eigen stem, mijn eigen stijl gevonden.
- Is het wel een goed idee om al die geestdriftige studenten voor te houden dat het schrijven van een boek de moeite waard is? Ik word in mijn eigen huis iedere ochtend door een donderwolk begroet omdat het tiende boek van mijn Grumpy Old Man nog steeds geen recensies heeft opgeleverd. Ook op Facebook wemelt het van de weemoedige overpeinzingen van debuterende auteurs die maar geen aandacht van de vaderlandse kritiek krijgen. Het is natuurlijk nog maar de vraag of ik straks niet ook tot die tragische groep van niet-gelezen schrijvers ga behoren.
Afijn, nu moet ik verder met het voorbereiden van mijn gastcollege…
2011-11-27 / Bibliomaan

reageer